Fitna 10 Vrienden van God

Na het verschijnen van Rushdies De Duivelsverzen in 1988 braken er overal in Europa en Azië rellen uit en er vielen tientallen doden. En de sjiitische ayatollah Khomeini sprak een nog steeds geldende fatwa tegen hem uit: wie hem doodt krijgt meer dan drie miljoen dollar.

De afvallige moslim Rushdie had met zijn boek zout in een open wond gestrooid: hij promootte van het totaal verboden polytheïsme – hoofdzonde nummer één. ‘Er is één god en dat is God’ luidt immers het belangrijkste islamitische dogma. Rushdie biedt niet alleen een lofzang op de polytheïstische tegenpool. Hij laat als klap op de vuurpijl zien dat het polytheïsme in het hart van de islam zit, namelijk in de door God geopenbaarde Koran.

De enorme woede kwam los doordat het polytheïsme inderdaad centraal staat in de islam – hoezeer het ook in strijd is met het ideaal van het monotheïsme. De moslims die je op reis tegenkomt hebben het allemaal druk met hun heiligen, djinns, satan en engelen. Niet alleen in de volksislam, maar ook in de orthodoxie – ook orthodoxen geloven dat er twee engeltjes op hun schouders meekijken.

Eigenlijk is monotheïsme bijna onmogelijk, zegt Page duBois, een Amerikaanse professor die onderzoek doet naar polytheïsme. De ultiem transcendente God heeft altijd middelaars nodig, stelt zij. Want zelf kan hij zich niet tot menselijk contact verlagen zonder al te menselijk te worden – en dus ook familie te hebben. De Grieken hadden veel goden, met bovenaan Zeus. Veel zich monotheïst noemende gelovigen hebben een vergelijkbaar religieus universum. Alleen hebben zij het niet over goden maar over heiligen en wat dies meer zij. En is er verschil, behalve in de benaming? Eigenlijk niet, constateert DuBois.

Zij is net als Rushdie een pleitbezorger van polytheïsme, vanwege het idee dat iedereen behept kan zijn met ‘goddelijke’ scheppingskracht – niet alleen een 1500 jaar oude Mohammed en degenen die nu zijn leer proberen te monopoliseren. Volgens DuBois past polytheïsme beter bij de mensen dan monotheïsme – ook in onze pluralistische cultuur.

Radicale islamisten zouden het liefst alle ‘vrienden van god’ (heiligen) afschaffen en hun vereerders vermoorden. Zij kunnen niet leven met de situatie dat God met verschillende monden spreekt, of dat er meer goddelijke monden tegelijk spreken. Het zou hun boodschap relativeren, terwijl de kracht

daarvan juist ligt in het geloof dat er één boodschap is – die van hen.

De al onze aandacht voor de islam opzuigende strijd tussen islamisten en het Westen is welbeschouwd een uiting van een diepere strijd in de islam zelf. Een strijd tegen meer polytheïstisch gezinde moslims, die eronder lijden, onverdiend.

Ik hoop dat hun kant uiteindelijk zal winnen. Leve de betoveringen van Rushdie, de sympathieke Haggaagi-soefisjeik, de taxichauffeur Mohammed in zijn met amuletten behangen auto. Hoera voor al die gewone, aardige, gastvrije, goede en interessante moslims die je in de Arabische wereld onderweg toevallig tegenkomt – mensen veelal die een intens contact beleven met de godenwereld, en die hun warme vriendschap met de vrienden van God koesteren.